Columns 2014

Pietepeuterige regeltjes
6 december 2014

PvdA Tweede Kamerlid Grace Tanamal wil een initiatiefwet indienen waarin buurtbewoners meer te zeggen krijgen over hun buurt. En dat is een initiatief dat velen van harte zullen toejuichen. Buurtbewoners moeten meer zeggenschap krijgen over hun eigen leefomgeving. Uiteindelijk leven we in een democratie. Tanamal vindt dat buurtbewoners als eerste mogen bieden op braakliggende terreinen, het doen van onderhoud van de openbare ruimten, het organiseren van buurtmarkten en het verkrijgen van gemeentelijke financiële middelen voor hun buurt. Mensen hebben het recht hun eigen leven vorm te geven.  Helaas komen -volgens haar- buurtcollectieven die initiatieven willen uitvoeren onvoldoende in positie door verschillende belemmeringen. Vaak door de ambtenarij. En daar moet verandering in komen. Weg met die pietepeuterige regeltjes. De initiatiefnota heeft niet voor niets de benaming ‘Buurtrechten voor iedereen’ gekregen. Nogmaals, het is een prima idee!

Toevallig ben ik momenteel persoonlijk betrokken bij de oprichting van een nieuwe buurtcommissie in de Haagse wijk Morgenstond. Dit gebeurt op initiatief van Stichting MOOI. Deze welzijnsorganisatie staat voor Maatschappelijke Ondersteuning van Omgeving en Individu, met één motto en één visie: ‘MOOI verbindt mensen’. En ik moet zeggen dat -voor zover ik weet- de samenwerking tussen MOOI en de gemeente goed verloopt. De initiatieven van de wijkbewoners -geholpen door MOOI- worden veelal wel ondersteund door de gemeente. Maar ik kan me best wel indenken, dat de samenwerking in andere gemeenten stroever verloopt. Misschien dat de gemeente Den Haag hierin een positieve voorbeeldfunctie kan krijgen?

Enige humor mag in een column niet ontbreken. Een vrouw staat onder de douche, als er wordt aangebeld. Ze kijkt door het bovenlicht naar buiten en ziet de buurman voor de deur staan. De vrouw denkt: ‘Ach, de buurman is toch blind, dus hoef ik me niet aan te kleden. Ze doet de voordeur open en staat in haar volle glorie – spiernakend dus- in de deuropening. Roept de buurman: ‘Buurvrouw, buurvrouw, het ongelofelijke is gebeurd. Ik kan weer zien!’

De Nederlandse burgers hebben een traditie hoog te houden. Al rond het jaar 1200  verenigden de mensen in ons laaggelegen kikkerland zich in de strijd tegen het water. Zo vormden boeren, die buren van elkaar waren, toen al kleine waterschappen. Een eerste vorm van gezamenlijk buurtbeheer. Momenteel zijn er onnoemelijk veel vormen van buurtbeheer: wijkverenigingen en wijkplatforms, Buurt Interventie Teams ofwel buurtbewaking, VVE’s,  speeltuinverenigingen, et cetera. Collectief optreden geeft macht. En dat moet doorgaan.

De meeste woorden die met buurt beginnen, hebben vaak een positieve klank. Buurtvereniging, buurtsuper, buurthuis, buurtcafé, buurtbus, buurtpreventie en ‘even buurten’ klinkt bij de mensen vertrouwelijk in de oren. Allerlei zaken die het buurtgevoel steeds meer versterken. Tot slot kan ik concluderen, dat er één spreekwoord in de Nederlandse taal helemaal klopt: ‘Beter een goede buur dan een verre vriend’

U bepaalt
15 november 2014, Gerard Verspuij
Weet u het misschien ? Het aantal restaurants loop terug of toch niet. We weten het eigenlijk niet. Tuurlijk is er een verandering van de inhoud. Een uitgebreid onderzoek ten spijt, een ding weet de Gemeente wel. Het ligt natuurlijk niet aan het stadsbestuur. Openbreken van de weg, klunen door het zand en lopen over metalen grondplaten, het heeft geen invloed. En wat te denken van de administratieve martelgang, de legeskosten, de tijden benodigd om je zaak te krijgen hoe je hem wilt hebben. Heeft dat geen invloed ? Natuurlijk wel. En wat te denken van de tarieven aan huur, die terugverdiend moeten worden via het menu. Nee de gemeente kan er niets aan doen. We weten allemaal hoe belangrijk kleine ondernemers zijn voor de
levendigheid in de stad. Koesteren zou je ze moeten. Het tegendeel is het geval. De gemeente kan er niets aandoen. Tuurlijk. Het lef ontbreekt. En de verantwoordelijkheid, die is voor een ander. De terugtredende overheid heet dat tegenwoordig. Alleen als het ze uitkomt dan slaat de gemeente en de derhalve de politiek helemaal door. Dan is geen risico groot genoeg. Geen cent tekort, geen tekort aan mooie woorden. En ach de lasten voor de stad, wat maakt het uit! En u weet al waar ik op doel : Het Spuiforum. Collegepartijen weten in hun hart dat het niet deugt. En toch doorgaan. Voorbijgaan aan de sociale ellende van 70.000 mensen in de armoede en 40.000 mensen op zoek naar een baan. Dat nu even niet. Dat komt straks later wel. Nu eerst de leut. Oh ja, de economische recessie is natuurlijk ook in te zetten als reden voor de terugval van het aantal eetgelegenheden. Natuurlijk het ligt aan de economie. Zeker niet aan het stadsbestuur. Wel lekker om je achter te verschuilen. Kun je een ander de schuld geven. Of weet je wat. We roepen de hulp in van de goed heilig man. Die is zojuist weer aangekomen in Scheveningen. Hoewel de politiek ook al dit kinderfeest verziekt .Ook de kinderen moeten het al ontgelden. Hoe ver kun je zakken ? Kinderen zijn weerloos. En alles van waarde is weerloos zei Lucebert al. De politiek is te vergelijken met het menu van het restaurant. Als het te duur word kom je niet meer en blijf je thuis. Of nog beter dan neem je zelf het initiatief. Het failliet van de politiek zal in maart duidelijk zijn. Het menu zal niet langer worden genuttigd. Het is niet langer te pruimen. Hoelang zal het duren totdat de kok weet dat hij moet veranderen ? En dat de politiek zelf de oorzaak is. Of komt het dan door de mooie lente of de strenge vorst. Of zijn de kiezers te dom. Aan het bestuur ligt het niet. Die buigen zich over een rapport naar de oorzaken van het verdwijnen van de sociale levendigheid in de stad. Als het maar niet aan het bestuur ligt. Daar gaat het ze om.
Wij weten wel beter. En wij bepalen.

 

Sluipmoordenaar
1 november 2014

Er hangen donkere wolken boven Den Haag en omstreken. Niet alleen symbolisch maar ook in werkelijkheid. De luchtkwaliteit in onze Ooievaarsstad laat te wensen over. Heel veel zelfs. Vooral op locaties met intensief verkeer gaat het niet goed. Volgens een juist ingelichte bron moet de Javastraat tot de straten met de meeste luchtvervuiling in Nederland horen. Maar dat kan toch niet. Weg met die beroete vensterbanken en berkenboompjes met een zwarte bast, die normaal wit moeten zijn!

De wethouder van Verkeer en Milieu heeft van vertegenwoordigers van Milieudefensie en bewonersgroepen het rapport: ‘Hoe gezond is onze lucht?’ en het Actieplan voor Gezonde Lucht overhandigd gekregen. In het plan staan effectieve maatregelen om de luchtkwaliteit in de stad te verbeteren. Weg met die zure regen!

Bij het oplossen van problemen moet eerst naar de oorzaak worden gezocht. In dit geval is het niet moeilijk. Naast het verkeer verslechterd de luchtkwaliteit landelijk door onze industrieën, de veestapel, de landbouw, het roken van tabak en aan het eind van het jaar door het afsteken van vuurwerk. En ga dat meer even veranderen. Dat is vechten tegen de bierkaai. Daarom gaat in Den Haag de eerste prioriteit uit naar het bestrijden van de verkeersintensiviteit. Alternatieven zijn vervuilende vrachtwagens weren, nog meer snelheidsbeperkingen, het instellen van milieuzones, nog schonere brandstoffen, enzovoorts.

Luchtverontreiniging is niet zichtbaar. De mooie blauwe lucht kan concentraties vervuilende stoffen bevatten. Luchtverontreiniging is een sluipmoordenaar! Een gebrek aan goede luchtkwaliteit kan leiden tot ernstige ziektes zoals longaandoeningen, kanker en hart- en vaatziekten. Tot een van de longaandoeningen behoort astma. De ironie van het noodlot wil dat van 2010 tot 2012 de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu indertijd druk bezig was met het onderwerp luchtkwaliteit. Zijn naam was Joop Atsma. En geen astma.

In mijn column vertel ik meestal een mop met betrekking tot het onderwerp. Dat kostte mij deze week wel enige hoofdbrekens, maar ik ben er toch uitgekomen. Luchtkwaliteit is inherent aan frisse lucht. En daar kan ik wel iets over vertellen. Jantje wordt de klas uitgestuurd. Lachend staat hij op de gang, terwijl de hoofdmeester langsloopt. De hoofdmeester vraagt hem waarom hij de klas is uitgestuurd en waarom hij daar zo nodig om moet lachen. Antwoordt Jantje: ‘Ik liet onder de les een keiharde wind. Nu zitten zij in de stank en ik sta lekker buiten in de frisse lucht!’

In Europa staat ons kikkerland er qua luchtkwaliteit als een van de slechtsten -zo niet als de slechtste- voor. Daarnaast is de Nederlandse bodem een van de meest verontreinigde van Europa door stikstof en fosfaat, afkomstig van de grote veestapel. Bovendien hebben we het meest vervuilde oppervlaktewater van Europa. Voor vrijwel al ons water lopen we het risico dat we de normen van de Europese Kaderrichtlijn Water niet halen. De kans dat we van de laatste plaats afkomen is klein omdat het kabinet Rutte indertijd tot 2015 structurele bezuinigingen op het waterbudget heeft vastgesteld. Ook voor de bescherming van natuur en klimaat en voor het opwekken van hernieuwbare energie staat Nederland in de achterhoede van Europa. En de uitstoot van broeikasgassen is in Nederland boven het Europese gemiddelde en de trend is nog steeds stijgend. Waar ons kleine land weer groot in is!

Daarom richt ik mij tot de actiegroepen, de politiek en alle burgers van Den Haag. Mensen, laten we met zijn allen wakker blijven en waken over onze gezondheid.
Want het leven is immers ons hoogste goed!

Zandweggetje
4 oktober 2014, Klaas de Boer

Participatie is een ‘nieuw’ woord en dan schrijf ik het woord nieuw tussen aanhalingstekens. Via de Franse taal is participatie volgens de dikke Van Dale al in 1553 in onze taal geslopen. Heel stiekempjes, want in die tijd sprak alleen de adel in het Frans. De rest van ons volk sprak op z’n heikneuters. Maar dat even terzijde. Met het nieuwe woord participatie bedoel ik een groepje ambtenaren die het woord participatie enige decennia geleden in ons hedendaags Nederlands weer heeft heringevoerd. Participatie betekent gewoonweg deelnemen en indertijd wilden deze ambtenaren burgers en organisaties betrekken bij gemeentebeleid of bij een gemeentelijk project.

Participatie is een zeer breed begrip, want het kan worden toegepast op verschillende gebieden zoals maatschappelijke, economisch, politiek, sociaal en cultureel en nog meer segmenten, elk met een eigen, specifiekere betekenis.

In Den Haag is het goed toeven en uiteraard wonen. Daarom is het belangrijk dat de buurt schoon, veilig en gezellig is. Veel Hagenaars steken zelf de handen uit de mouwen om dat te bereiken. Zulke mensen zijn goud waard, vindt de gemeente Den Haag. Daarom is de Gulden Klinker ingesteld. Alle mensen die samen iets doen om hun omgeving schoner, veiliger of prettiger te maken kunnen zo´n Gulden Klinker krijgen. Iedereen mag meedoen: buurtbewoners, winkeliers of scholieren. Met het verkrijgen van de Gulden Klinker worden de initiatiefnemers beloond voor hun inzet. Een puik idee!

In mijn column wil ik altijd een mop of een anekdote verwerken die op het besproken thema slaat. Daar kwam ik met participatie niet helemaal uit. Toch onderneem ik een poging. Zojuist ging het over de Gulden Klinker. Het woord klinker heeft twee verschillende betekenissen. Een klinker kan een straatsteen zijn. De andere betekenis van klinker is een spraakklank zoals de letters a, e, i, o en u. Staat er een juffrouw voor de klas en zegt: ‘Kinderen, wie kent een woord zonder klinkers?’ Steekt Jantje zijn vinger op en zegt: ‘Zandweggetje.’ Zegt de juf: ‘Nee jantje, in het woord zand zit al een a en in weggetje wel 3 e’s.’ Antwoordt Jantje: ‘Maar juf, in een zandweggetje zitten toch helemaal geen klinkers!’

Een ander mooi initiatief is het Buurthuis van de Toekomst. Dit is geen gewoon buurthuis, maar een bestaande voorziening die ‘gedeeld’ wordt. Dat kan beginnen in het gebouw van een school, een culturele instelling of een sportvereniging. Daar kunnen dan ook andere organisaties en buurtbewoners met hun activiteiten terecht. Een clubgebouw bijvoorbeeld is er dan niet alleen voor de ‘eigen’ voetbalclub, maar wordt ook een plek waar buurtbewoners samenkomen voor een praatje, een cursus of misschien wel voor huiswerkbegeleiding. Delen wordt zo samenwerken aan het welzijn van de buurt.

Enige tijd geleden was ik in gesprek met de voorzitter van een bekende Haagse amateurvoetbalclub. Het ging op een bepaald moment over het Buurthuis van de Toekomst. Toen ik de voorzitter vroeg waarom het clubgebouw van zijn vereniging nog geen Buurthuis van de Toekomst was, antwoordde hij het volgende: “Wij zouden het wel willen, maar er zit een addertje onder het gras. Bij activiteiten die door anderen in ons clubgebouw worden ondernomen, moeten wij zelf voor vrijwilligers zorgen. En daar zitten we al om te schreeuwen, dus heeft het voor ons weinig zin. Het zal wel door de bezuinigingen komen.’

Ja, daar valt wat van te zeggen. Gemeente, uw initiatieven zijn goed, maar denk wel goed mee en laat de bezuinigingen op deze mooie projecten achterwege. Of moeten de mensen die voor een Gulden Klinker in aanmerking komen, straks zelf voor kosten van de aanschaf.

Rare gewoontes
20 september 2014, Gerard Verspuij

Een van mijn vele rare gewoontes is het lezen van een boek in mijn vakantie. Altijd over maatschappelijke punten. Liefst uit het verleden, want heel vaak herhaalt de geschiedenis zich. Deze keer Geert Mak met In Europa.

100 jaar Europa, wat een ellende en een oorlogen.
Kernpunt was dat grote groepen zich niet gehoord voelden. Of zich achtergesteld voelden, omdat ze geen luisterend oor kregen. Of de woede zo groot wordt, doordat de verschillen groot zijn in inkomen, in wonen, in toekomstverwachtingen, of gewoon in  meedoen. Rode draad in dit alles is dat groepen van elkaar geïsoleerd raakten.

Hullie en zullie. Vooral niet met elkaar praten, laat staan bij elkaar inleven.
Gevolgen waren altijd armoede, werkloosheid, teleurstellingen en het uit elkaar vallen van de samenleving. En wegduiken onder je eigens stolp en wijzen op de verantwoordelijkheid van anderen.
We weten allemaal waar dat toe leidde in Europa. Leren we het dan nooit ? Blijven we dezelfde fouten maken ? Elke dag hebben we de kans om dit beter te doen.
Ook in Den Haag. We hebben 70.000 mensen in de armoede. Let wel 1 op de 7.
We hebben 40.000 werklozen. 1 op de 12 mensen in Den Haag. Eigenlijk 1 op de 5.
De gemeente Den Haag verbetert de schuldhulpverlening als onderdeel van het verschrikkelijke woord business excellence. Mensen met weinig kans op schuldsanering weigeren ze. Verslechtert de cijfers nu eenmaal.

Onomstotelijk staat vast, dat armoede en werkloosheid psychisch problemen oplevert.
Tel daarbij op de verkilling in de Haagse samenleving met een politiek, die vrijwel los staat van de dagelijkse praktijken mensen voelen zich niet gehoord.
Het beste medicijn is en blijft echte aandacht.
Daarom hulde aan de families, de organisaties die dit wel doen. Zij maken het positieve verschil. De vrijwilligers. De woningcorporaties, die nog wel aandacht geven aan hun bewoners. Tegen de door de politiek opgelegde bezuinigingen in. Slappe en laffe politieke opstellingen als we gaan er niet over, zijn de bron van persoonlijk en maatschappelijk leed.
Echte aandacht, door u en mij, dat is het medicijn tegen isolement en de daaraan verbonden problemen. Zonder eigen risico. Met bewezen resultaat.

Naar de filistijnen
13 september 2014, Klaas de Boer

‘Je bent jong en je wilt wat!’ Dat is een prachtige uitdrukking, die momenteel op vele jongeren geen positieve toepassing heeft. De oorzaak is de jeugdwerkloosheid. Jarenlang leren en studeren en geen uitzicht hebben op werk. Hoe is het mogelijk? In vroeger tijden ging een ambacht of een beroep over van vader op zoon. En kon dat niet, dan werd men boerenknecht of dienstmeid of soldaat of schooljuf. Daar stond eigenlijk niemand verder bij stil.

De werkloosheid onder de jeugd in Nederland is schrikbarend gestegen. Alleen al in de provincie Zuid-Holland hebben ruim 25.000 jongeren geen werk. In Den Haag zijn dat er volgens het CBS ruim 6000. Niet alleen kunnen jongeren die klaar zijn met school of studie geen werk vinden; velen verliezen nog eens hun bestaande baan. En dat is geen opzet; er is simpelweg geen werk. Als bedrijven toch jonge mensen zoeken, gaat het om stageplekken zonder vergoeding, waar zonder blikken of blozen ook nog eens voldoende werkervaring voor wordt gevraagd.

Bij het oplossen van een probleem moet altijd eerst naar de oorzaak worden gezocht. Bij de momenteel heersende jeugdwerkloosheid zijn dat meerdere oorzaken zoals de economische recessie, het aantrekken van buitenlandse werknemers en het verhogen van de pensioengerechtigde leeftijd naar 67 jaar.

Ondanks de sombere toekomst voor jongeren is het prijzenswaardig dat zo velen daarbij positief blijven. Niet eerder bleven jongeren zo lang thuis wonen als nu. Dat vinden ze vaak niet erg, want ze kunnen het over het algemeen beter met hun ouders vinden dan de generaties hiervoor.

Zelfs bij serieuze onderwerpen mag een beetje humor niet ontbreken. Een jongen van achttien jaar slaagt voor zijn schoolexamen. En wonder boven wonder kan hij een week later al aan het werk op een kantoor. Na zijn eerste werkdag zit hij met zijn ouders aan tafel aan het avondeten. Vraagt zijn vader: ‘En, hoe ging jouw eerste werkdag, zoon?’ Antwoordt de jongen: ‘Naar mijn gevoel prima. Binnenkort gaan we al met vakantie, want de directeur zei tegen mij dat als ik zo doorga, dat we naar de Filistijnen gaan!’

Mirjam Sterk, oud-Kamerlid voor het CDA, is in 2013 aangesteld als ambassadeur aanpak jeugdwerkloosheid om deze groeiende problematiek een gezicht te geven. Voor 2013 en 2014 heeft het kabinet indertijd 50 miljoen euro uitgetrokken om de jeugdwerkloosheid beter aan te pakken.

‘De uitzendbranche moet bij het onderwijs worden betrokken,’ zegt Mirjam Sterk. ‘Uitzendorganisaties kunnen zo hun kennis delen met leerlingen en docenten.’ Sterk denkt hierbij aan het geven van lessen over loopbaanoriëntatie, sollicitatietrainingen, het helpen en begeleiden bij het maken van een studiekeuze en het adviseren bij het maken van een CV.

Jeugdwerkloosheid is een samengesteld woord dat helemaal niet kan. Jeugd betekent een frisse start, elan, actie, gaan als een banaan; en niet oeverloos solliciteren en van het kastje naar de muur gestuurd worden. Het bestrijden van de jeugdwerkloosheid vraagt om een herstel van de economie. Regering, we moeten terug naar vroeger tijden, toen er weinig werkloosheid was. Wat jongeren nodig hebben is dat het werkaanbod wordt uitgebreid. Er moeten meer banen komen. Vergeet één ding niet. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst!

Goudhaantjes
5 april 2014

Mensen met een uitkering die vrijwilligerswerk willen doen, worden momenteel gedwarsboomd door het UWV. Deze uitkeringsinstantie wil op deze manier werkverdringing voorkomen. Vrijwilligersinstanties zijn het hier niet mee eens en vinden dat het UWV de plank volledig mis slaat. De media is er druk mee bezig. De politiek, met name het CDA, is hier ook al op ingesprongen. CDA-er Cees Pluimgraaff vindt het van den zotte, dat vrijwilligers gekort kunnen worden op hun uitkering en dat van thuiszitten niemand beter wordt. Dat klopt. Maar hij vergat er nog bij te zeggen dat vrijwilligerswerk in bepaalde gevallen kan leiden tot een betaalde baan. En dat is een nog belangrijker argument.

Er zijn minder betaalde banen, dus trekt het UWV de teugels wat strakker aan. Dat is heel logisch, maar waar ligt de grens? Een vrijwilliger mag wel een oudere in een rolstoel door de wijk rijden, maar vervolgens niet het huis stofzuigen. Want dat laatste zou ook een betaalde baan kunnen zijn. Ik ben blij dat ik geen keuzes hoef te maken in dit soort zaken.

Voor vrijwilligerswerk is geen eenduidige definitie. Vrijwilligerswerk bevat vier factoren. En dat zijn de vrijwillige basis, geen financiële vergoeding, een georganiseerd verband en een maatschappelijke doel voor anderen.

Iedereen weet dat vrijwilligers in deze tijd onmisbaar zijn. En dat zijn er heel wat. Volgens de statistieken zijn zeker 5,5 miljoen Nederlanders bezig als vrijwilliger. Op veel vlakken zoals zorg, welzijn, onderwijs, sport en cultuur. Menige organisatie, vereniging of buurthuis kan niet bestaan zonder de inzet van vrijwilligers. Ik durf zelfs te stellen dat onze hele samenleving niet goed kan functioneren zonder vrijwilligers!

Denk eens na wat er zal gebeuren als al die miljoenen Nederlandse vrijwilligers tegelijkertijd hun werkzaamheden zouden neerleggen. Dan kunnen de kinderen kunnen niet meer naar de scouting en de sportvereniging, de club- en buurthuizen blijven dicht, maaltijden worden niet meer bezorgd, dierenambulances rijden niet meer, ouderen wachten tevergeefs op een helpende hand, slachtofferhulp blijft uit, natuurbehoud wordt gestopt; en zo kan ik nog wel duizend voorbeelden geven. Als alle vrijwilligers ineens stoppen, dan is hééél Nederland ontregeld! En het woordje ‘heel’ zeg ik hééél bewust met drie é’s!

Vrijwilligerswerk geeft voldoening. Aan twee zijden. De vrijwilliger gaat een uitdaging aan, vergroot zijn sociale netwerk, doet ervaring op en krijgt waardering. En de mensen die geholpen worden door het werk van vrijwilligers, hebben ook vele voordelen. Aan deze mooie dingen mag niet getornd worden!

Wat er ook gebeurt in de toekomst: vrijwilligerswerk moet ongekend doorgaan. Verschillende partijen zitten momenteel in elkaars vaarwater. Voor hen heb ik één advies. En eigenlijk zijn daar niet genoeg woorden voor. Toch onderneem ik een poging. Lieve mensen, vrijwilligers zijn onmisbaar. Vrijwilligers zijn de goudhaantjes in onze samenleving!

Binnenwateren
29 maart, Noor van Kooperen

De Haagse Waternota, dat is een item waarvoor ik uit mijn stoel kom. Ik heb wat met water, zeg maar heel veel, en ik heb wat met Den Haag. Zoveel, dat mijn boot, nou ja bootje,  De Régâh heet. Op zijn kontje prijkt die “kankâh régâh, de interpretatie van het Haagse logo zoals Marnix Rueb die ziet. Op mijn ligplaats in Nieuwkoop hoor ik nog wel eens “kijk nou, de Reggae”, maar in Friesland heeft het over het Slotermeer geschald: “Kék nâh, de Régâh”. Dat was een Hagenaar, dat kan niet missen.

Ik ben dus van de boten. Komt nog bij dat ik aan het Verversingskanaal geboren ben, dus ook de zee binnen handbereik. Ik hoef mijn leeftijd niet te verraden, maar in mijn tijd liepen we richting het eiland Vloek, over het sluisje in het Verversingskanaal, langs het poepgemaal naar het Stille Strand.

Eén keer per jaar zaten we aan de oevers van het kanaal te kijken naar de roeiwedstrijden van de Nederlandse zeevaartscholen. Dat kan niet meer. Eerst werd er een zuiveringsbunker in het Verversingskanaal gebouwd, ter hoogte van de Willem de Zwijgerlaan. Vervolgens werd de Nieboerbrug de Nieboerdam. Niks meer te roeien.

Het sluisje bij het eiland Vloek had al jaren daarvoor plaats moeten maken voor de Norfolklijn. De bewoners van de Kranenburgweg lagen te daveren in hun bed vanwege de vrachtwagens met goederen uit of naar Engeland. Ook dat is alweer verleden tijd. Op de een of andere manier heeft Den Haag de slag verloren van Vlaardingen. Ik zeg Vlaardingen!

Maar ons inventieve stadsbestuur weet dat economisch probleempje adequaat op te lossen. In een paar maanden tijd staat er op het Norfolkterrein een “nood theater”, dat als tijdelijk onderkomen dient voor het Residentieorkest, het Lucent Danstheater en het Koninklijk Conservatorium. Bij tijdelijk denk ik aan een veredelde circustent, maar deze kost 19 miljoen, en dat zie ik circus Renz niet neertellen voor hun onderkomen. Maar…. alles om de synergie tussen muziek, dans en muziekstudenten te bevorderen.

Ik dwaal niet af, mocht u dat denken. Want via de artistieke oplossingen van het huidige gemeentebestuur kom ik bij: het Spui. Met vlak daarbij: de Nieuwe Haven. In de omgeving: de Gedempte Gracht. En de Kalvermarkt. Juist, dat zegt alles. In vroeger tijden schijnen ze ook stadsbesturen gehad te hebben die niet verder keken dan hun neus lang is. Die de putten gedempt hebben voordat het kalf op de markt verdronken was. Die geen paarden meer nodig hadden om goederen te vervoeren via de Trekvliet. Die havens in Scheveningen aanlegden zonder de mogelijkheid van een verbinding naar het achterland via een bestaand kanaal, de Koninginnegracht. Ooit bedoeld  om vuil water af te voeren, maar dat is mislukt.

Misschien zit ik historisch helemaal fout, maar volgens mij was Den Haag een netwerk van grachten en kanalen toen aan het begin van de 20e eeuw de eerste haven uitgegraven werd. Mijn vader heeft er als kleine jongen nog op de zandhopen gespeeld. Net zoals mijn moeder de beurtschippers in het sluisje van Leidschendam kende.

Historische vergissingen van mensen die dachten dat ze de zaken voor de toekomst regelden.
Maar ja, wie had kunnen voorzien dat we dag dagelijks (heb ik niet zelf verzonnen) in grote getale met sloepen op plassen, rivieren, kanalen en grachten zouden varen. Gouda heeft voor veel geld de stad ‘doorvaarbaar’ gemaakt. Amsterdam heeft zijn grachten in ere gehouden. Wij zitten met kolken in de Koninginnegracht, en met de Kuyperdam. Als we de Bosbrug aanpassen, blijft hij zo laag dat je nog steeds diep moet bukken om er met de Ooievaart onderdoor te kunnen varen.

In de Waternota staat dat “….voor het vaarseizoen 2013 voor het eerst gebruik kan worden gemaakt van de open-bruggen-route om vanaf het centrum via het Verversingskanaal richting Scheveningen te varen. De bruggen worden op verzoek bediend. Diverse nautische voorzieningen, zoals wachtplaatsen voor de bruggen, worden gerealiseerd…” O ja? Hoe? Gaat de waterzuiveringsbunker op de schop? Dat zou fantastisch zijn. Vanuit de Vliet, via de binnenstad naar de haven en dan naar open zee. Daar droom ik van. Of per boot de hele Koninginnegracht af naar de Havenkade in Scheveningen. Jachthaventje bij de Blinkerd en daar weer rechtsomkeert, want Seinpost wordt echt niet afgebroken voor een doorvaart naar de plek waar vroeger de bomschuiten op het strand lagen.

Stel dat de Waternota voor de helft gerealiseerd zou worden. Ik zie mij dan al, als schipper naast god, met mijn Régâhtje door Den Haag schuifelen en dan staat u langs de kant te zwaaien. Ja, een droom.

Zwerfaval
22 maart 2014, Klaas de Boer

Bio plastics van planten

In de top drie van dagelijkse ergernissen in onze maatschappij staat zwerfvuil al jaren genoteerd. Zwerfvuil ofwel zwerfafval is alle troep die rondvliegt over straat, in het park, op het strand en in het water. Het is afval dat door mensen -bewust of onbewust- is weggegooid. Vrijwel altijd dus ontstaat zwerfvuil door nalatigheid van mensen. Zwerfvuil bestaat grotendeels uit verpakkingsmaterialen van geconsumeerde etenswaren zoals blikjes, flesjes, papieren wikkels en plastic bakjes. Sigarettenpeuken, kauwgomresten en fruitschillen vallen hier ook onder.

Mijn opa’s en oma’s leefden in de eerste helft van de vorige eeuw. In hun leven hebben zij nooit van zwerfvuil gehoord. Waarschijnlijk wel van een zwerfkei, een zwerftocht en een zwerfhond of een zwerfkat. Allemaal woorden die van zwerven afkomstig zijn. Zwerven betekent rondtrekken of doelloos rondlopen. Van zwerven is het zelfstandige naamwoord zwerver afgeleid. Trouwens over zwervers gesproken. Er belt een zwerver bij een groot landhuis aan. De vrouw des huizes doet open en informeert wat de man wil. Hij vraagt om iets te eten. Zegt de vrouw: ‘Ik zal even een boterham voor je pakken.’ Vraagt de zwerver: ‘Mag het ook een gebakje zijn? Het is namelijk vandaag mijn verjaardag!’

Toch is zwerfvuil al meer dan honderd jaar een probleem. Het bewijs is een poster van de ANWB uit het jaar 1900. Op deze poster prijkt een mooie bomengroep naast een vijver in een park. En op de voorgrond ligt allemaal rommel die blijkbaar na een picknickpartij is achtergebleven. Daaronder stond de tekst: ‘Laat niet als dank voor het aangenaam verpoozen de eigenaar van het bosch de schillen en de doozen.’ Deze slogan werd in de zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw nog geprojecteerd op het grote scherm in de bioscopen tijdens de pauzes.

De aanwezigheid van zwerfvuil is van invloed op ons milieu, de volksgezondheid en de verkeersveiligheid. Hoe gaan we dit probleem oplossen? Hogere boetes bij overtredingen misschien? Of statiegeld invoeren op blikjes cola en pakjes sigaretten? Ik weet het niet, u mag het zeggen.

Per definitie mag een schone leef- en woonomgeving toch ook wel een primaire levensbehoefte genoemd worden. Het rijk en de gemeentes zijn verantwoordelijk voor het opruimen van zwerfvuil. Regelmatig worden er publiekscampagnes gehouden. Net zoals voorlichtingscampagnes op scholen, bij sportverenigingen en in buurthuizen.

Deze worden gehouden niet alleen door de overheid, maar ook op particulier initiatief. Dat is lovenswaardig. Momenteel gebruiken we drie miljard kilo plastic per jaar. In een lab in Amsterdam is een groepje onderzoekers druk bezig met een revolutionair product, namelijk bio plastics van planten. Dit type plastic is zo duurzaam dat men het bij wijze van spreken zou kunnen eten, want er zitten geen schadelijke stoffen in. Bovendien lost het op in het water; iets wat normaal plastic niet doet. Het mag dan per toeval ontdekt zijn, maar dit product zou wel eens de oplossing kunnen zijn van al het plastic afval dat in de zee ronddrijft.

We zullen ons dagelijks moeten beseffen, dat bijvoorbeeld een weggegooide sigarettenpeuk vijf jaar nodig heeft om te verteren. En bij uitgespuugde kauwgom duurt dat 25 jaar. En een plastic frietbakje doet daar 90 jaar over. Eigenlijk staat niemand hierbij stil, maar wij als mensheid zijn verantwoordelijk voor het veroorzaken van zwerfvuil en wij dienen onze eigengemaakte troep zelf op te ruimen!

Huurachterstanden
25 januari 2014, Noor van Kooperen

Het zijn gouden tijden voor columnisten. Van welke garnituur dan ook: crisis in Nederland levert schrijfstof op. Zelfs op regionaal of stedelijk niveau is er zat te bekritiseren, dus brood op de plank voor een zuurpruim zoals ik.

Huurachterstanden, het liet niet lang op zich wachten. Niet de wanbetalers van vroeger, maar de mensen die nu echt niet meer het hoofd boven water kunnen houden. We zitten immers in een crisis? En het rechts-linkse beleid lost toch met voortvarendheid de schulden op die we hebben? Dat er en passant een aantal straaljagers gekocht worden die toch niet de werkgelegenheid opleveren die als voorwaarde gesteld was, telt niet. Je moet ook internationaal mee kunnen draaien. Deden we dat maar op alle fronten. Maar terwijl landen om ons heen langzaam opkrabbelen moeten wij het doen met zeer voorzichtige voorspellingen dat het beter dreigt te gaan met de economie.

Nou, niet met de economie van een gemiddeld echtpaar met – pak hem beet – twee kinderen en een bruto inkomen van € 43.000. Dat is namelijk de regel die Europees is vastgesteld als grens om huurtoeslag te krijgen. Moet je alleen van die € 43.000 leven, dan is er geen man over boord. Moeilijker wordt het als het een echtpaar betreft met schoolgaande kinderen. Dan is het een kluif om de tegenwoordig gangbare huur op te brengen. Heb je inwonende kinderen die een inkomen hebben, uit werk of uit een uitkering (en dat kan dus ook een gehandicapt kind zijn), dan wordt dat bij het gezinsinkomen opgeteld.

Een woning van € 700 tot € 850 zou nog betaalbaar zijn, maar die zijn nauwelijks te krijgen in Den Haag, Woon je te duur, dan heb je dus pech gehad. Ook huizenbezitters die problemen hebben met de hypotheek hoeven niet op een oplossing te rekenen. Dit jaar wordt bezit meegeteld bij het inkomen, dus zelfs als ze hun woning zouden kunnen verkopen, dan komen ze niet in aanmerking voor een middenklas huurwoning. Als oudere net boven de grens heb je ook pech. Die komen weer niet in aanmerking voor een seniorenwoning in de gesubsidieerde sector. Helemaal tragisch is het als de man overlijdt. Het inkomen van de weduwe loopt dan vaak zo ver terug dat ze haar dure – en vaak te grote –woning niet meer kan betalen. Over ‘scheef wonen’ gesproken!

Overigens zijn er geen seniorenwoningen genoeg. De corporaties mogen per jaar 10% verhuren aan gehandicapten. Als ouderenhuisvesting in die speciale categorie gekenmerkt zou worden, dan zou dat al heel wat lucht geven op de woningmarkt voor ouderen. Over corporaties gesproken: die zeggen dat ze niets kunnen doen aan de huurachterstanden.

Ik ga niet de goedkope truc uithalen om de directeur van een woningcorporatie als ‘multi-scheefwoner’ op Bonaire te noemen. Ik beperk me tot Nederland en de krasse taal die we ons moeten laten welgevallen. Kun je niet rondkomen? Dan zal je moeten leren om beter met je geld om te gaan. Werkloos geworden? Velen duizenden met jou, dus….

Huurtoeslag niet ontvangen? Eigen schuld zegt Weekers. Het is zo gemakkelijk: bankafschrift en identiteitsbewijs, zo moeilijk kan dat toch niet zijn? Zelfs in Roemenië weten ze hoe dat moet. En denk er om: als je je bijstandsuitkering wilt behouden, dan zal je toch echt propjes moeten prikken in het park. En een net pak aan bij een eventuele sollicitatie.

En dat zegt een staatssecretaris van de partij waarvan de voorzitter zich lekker voelt in een trui.

De doos van de kleurentelevisie
11 januari 2014

Armoede is per definitie het niet kunnen voorzien in de eerste ofwel primaire levensbehoeften. Armoede ontstaat veelal wanneer een persoon of een groep mensen onvoldoende betaalmiddelen heeft om in de primaire levensbehoeften te kunnen voorzien. De bestaansmiddelen hiervoor zijn wel aanwezig, maar ze zijn onbereikbaar geworden. Primaire levensbehoeften omvatten zaken als voedsel, kleding, huisvesting en gezondheidszorg. Zij gelden als noodzakelijk om een menswaardig leven te kunnen leiden. Deelnemen aan het sociale leven, degelijk onderwijs en ontspanning kunnen als secundaire levensbehoeften beschouwd worden.

Mensen die in armoede leven merken dag in dag uit dat ze geen toegang hebben tot kansen en mogelijkheden die anderen wél krijgen. Ze zijn vaker ziek, ze hebben schulden, hebben vaak niet voldoende geld om gezond te eten, en -wat het ergste is- de kinderen kunnen vaak niet mee op school. Door dit alles staan ze een leven lang aan de rand van onze samenleving. Meer dan 15% van de bevolking van ons land krijgt vroeg of laat te maken met armoede.

Wanneer aandacht gevraagd wordt voor de armen, komen vaak de vooroordelen. Sommigen vinden dat armoede de schuld is van de armen zelf. Er is toch altijd wel werk te vinden? Dus moeten die mensen niet klagen. Dat niet iedereen mee kan in onze prestatiemaatschappij, wordt dikwijls vergeten. Anderen zien armoede als pechgeval. Wie in armoede geboren wordt, wie invalide wordt, wie door gezinsproblemen aan lager wal geraakt, die heeft gewoon pech gehad. Het feit dat armoede ook een maatschappelijk probleem is, wordt over het hoofd gezien. Weer anderen vinden dat armoede de schuld is van de maatschappij en van de manier waarop onze economie werkt. Hoe kan het dat winstmakende bedrijven toch massaal personeel afdanken? Is de aandelenkoers dan belangrijker dan het lot van de werknemers die er hun brood verdienen? Tellen mensen minder dan centen? Er zijn natuurlijk nog heel wat vooroordelen. Dit zijn enkele voorbeelden. Maar waar de oorzaak ook ligt, armoede bestaat, en het hoort niet thuis in een menswaardige samenleving.

Hedendaagse moppen gaan vaak over benarde situaties, hete hangijzers en taboes. Moppen worden gemaakt over wat de mensen bezig houdt en wat gevoelig ligt. Een man komt bij de bijstand klagen. Hij heeft geen eten, geen kleding, geen huisraad en zegt: ‘Ik moet geld!’ ‘Waar slapen uw kinderen dan?’ vraagt de ambtenaar. Antwoordt de man: ‘Tja, in doos van de kleurentelevisie!’

Geld maakt niet gelukkig, maar het helpt altijd. En dat is zeker van kracht voor mensen die weinig of geen geld hebben. Armoede kan en mag niet bezien worden als een inkomstenprobleem. Het is een kwestie van sociale positie en macht. Toch vormt inkomensgebrek een belangrijk element in de armoedeproblematiek. Want niemand wil op het terrein van consumptie té ver achter blijven, zeker niet wanneer het om kinderen gaat. Dit is een reden waarom mensen wel eens de lat voor zichzelf te hoog leggen.

Tot slot, heb ik een advies voor mensen, die dagelijks armoede ervaren. Maak uw situatie kenbaar en heb ik geen valse schaamte. Stap in de schuldsanering, ga naar de voedselbank, leg uw situatie uit op school of bij een politieke partij, vraag advies bij Stek of de stichting Leergeld.

Vergeet een ding nooit: achter elke donkere wolk schijnt de zon! Ook voor u!

 

 

Haag Media
Gemeente Den Haag
Woonservicewijken Escamp

helaas geen foto’s of info

 

– – –

Artiesten uit eerdere uitzendingen, klik hier.